KERKDIENSTEN

Zondag 19 mei 9.30 uur

Ds. de Jong uit Hellevoetsluis

Kindernevendienst

Zondag 26 mei 9.30 uur

Ds. D.G. ter Horst uit

Hellevoetsluis

Donderdag 30 mei 9.30 uur

Ds. A.N. Rietveld uit

Barendrecht

Hemelvaartsdag

Zondag 2 juni 9.30 uur

Drs.A.de Jong-Magdenburg uit

Hellevoetsluis

Kindernevendienst

Kopij voor het volgende

nummer moet binnen

zijn vóór 24 mei 2019



Wilt u vervoer naar de kerkdiensten of heeft u interesse in de dienst op een cassetteband, dan kunt u contact opnemen met

Maartje Keijzerwaard

Tel.0181-462089 of mkeijzerwaard60@gmail.com


Kerkbeheer

College van kerkrentmeesters

Een passend 'huis' is van groot belang voor de eredienst en de pastorale, missionaire en diaconale taken. Het college van kerkrentmeesters is verantwoordelijk voor het kerkgebouw en de goede gang van zaken

De kerkrentmeesters zijn:

  • Mari Noordermeer en
  • Cor Schoon
  • Bijgestaan door:
  • Leo Vaandrager
  • Teun van Hilten
  • Leen Keijzerwaard
  • ------------------------------------

De Oude Bieb in Dirksland: "We verspreiden de liefde van Christus in de ontmoeting"

In Dirksland, op Goeree-Overflakkee, zette de kerk een laagdrempelig in loophuis op waar iedereen terechtkan voor koffie, een praatje of een activiteit. Inmiddels zijn tussen de 50 en 75 mensen betrokken bij De Oude Bieb. “Ik zie hier veel mensen die niet naar de kerk komen. Als dorpsbewoner wil je toch graag ergens bij horen.”

Langzaam wordt het voller in De Oude Bieb. Allemaal vrouwen dit keer, het is handwerkmiddag. Als er al mannen komen, schuiven die vooral aan voor een kop koffie en voor de gezelligheid. En gezellig is het. Terwijl de handen werken, gaan de gesprekken over tafel. “Nee, dat is de vrouw van …”, klinkt het. “Weten hoe de onderlinge relaties in elkaar zitten geeft een vertrouwd gevoel”, weet Irma Klaasen die een deken haakt. Zo werkt dat in een dorpsgemeenschap waar veel families uiteindelijk wel ergens verwant zijn.

Een huis waar het goed toeven is voor iedereen, met als uiteindelijk doel een lokale gemeenschap te vormen die bijdraagt aan een wereld waar geloof, hoop en liefde een belangrijke plaats hebben.

Groeimodel Het opknappen en inrichten van de voormalige pastorie van Angerlo vormt voorlopig de belangrijkste activiteit van de pioniersplek die in april van start gegaan is. Bikker ziet allerlei mogelijkheden voor de toekomst, maar er is bewust gekozen voor een groeimodel. “Wat hier over vijf jaar allemaal gebeurt? Ik weet het niet. Ik weet wel wat de onderstroom is: samen doen, met alle generaties. Mensen moeten er plezier aan beleven, maar ook intellectueel geprikkeld en geestelijk gevoed worden.” De mogelijkheden van deze plek wil hij graag inzetten voor een doelgroep die breder is dan mensen uit de buurt. Toeristen moeten er terechtkunnen voor ‘een kopje thee met aandacht’ terwijl de accu van hun fiets opgeladen wordt; zinzoekers voor stiltewandelingen en retraites. “De ruimte, de rust en de stilte hier zijn belangrijke voorwaarden om echt tot jezelf en tot God te kunnen komen.” Het bosje naast de pastorie is voorzien van hangmatten. Het symboliseert de omgeving die de pioniersplek wil bieden om lichaam, geest en ziel in harmonie te brengen. “Op deze plek moet je je kunnen opladen.”

Rust en ruimte Is een gemeenschap die vooral gericht is op activiteiten nog wel een vorm van kerk-zijn? Bikker vindt van wel. De pastorie staat op hetzelfde terrein als de Galluskerk, waar ook de vieringen en het wekelijkse Coventry-gebed plaatsvinden, legt hij uit. “Niemand zal ons daar los van kunnen zien.” Kors noemt de gemeenschap zelfs het hart van kerk-zijn. “Ik verbaas me er weleens over hoe hoog de lat soms wordt gelegd en dat al snel over de bediening van de sacramenten gesproken wordt. Misschien zijn we dat als kerk wel te veel kwijtgeraakt: dat het begint bij een kop koffie. We zijn op afstand van mensen komen te staan. Wat ons als kerk onderscheidt, is het verhaal van waaruit we doen wat we doen. We moeten voorzichtig zijn met het zoeken van onderscheid ten aanzien van organisaties die ook op verbinding gericht zijn; we moeten elkaar versterken. Juist plekken als deze zouden wel eens ruimte kunnen bieden voor gesprekken over onderwerpen waarmee je niet terechtkunt bij de buurtvereniging.”

Kramp Komdersuut is voorzichtig geworden met het etaleren van geloofsactiviteiten, vertelt Erika Klooster. Net als Bikker is zij voor één dag in de week aangesteld als pionier. Daarnaast werken ze elk een dag als vrijwilliger voor de plek. “In het begin deden we dat wel. We nodigden mensen uit om op donderdag om kwart voor negen naar het ochtendgebed te komen om vervolgens om half tien te gaan klussen. Een aantal mensen schoot daardoor acuut in een kramp. Moet ik komen bidden voor ik mag klussen? Dat ligt blijkbaar toch gevoelig. In onze uitingen hebben we dat daarom naar de achtergrond verplaatst. We willen mensen niet afschrikken. Laat ze eerst maar eens komen 7 en zien wat er gebeurt.” Hoe daar verder mee om te gaan is wel een aandachtspunt voor de pioniersplek. Thuis Komdersuut trekt inmiddels een divers publiek. Wil, die vaker komt helpen, noemt de plek een soort thuis. “Het is bijzonder om samen met mensen met heel verschillende achtergronden allerlei dingen te doen; respectvol, liefdevol en dankbaar.” Iedereen heeft z’n inspiratiebron, vindt ze. “Voor mij is dat God, maar dan wel op mijn manier. Het mooie is dat verschillende opvattingen hier naast elkaar mogen bestaan. Iedereen heeft een plek nodig om te kunnen praten over z’n diepste zielenroerselen. Dat kan hier.”

Kwaliteitsimpuls

De Protestantse Kerk wil met de kwaliteitsimpuls van de permanente educatie een bijdrage leveren aan de bedieningsvreugde en het werkplezier van de predikanten en kerkelijk werkers. Het gaat erom dat zij hun vak bijhouden, als theoloog, catecheet of pastor. Het werken in de gemeente vraagt bovendien om het zelf open blijven voor de Schrift in de context van de huidige samenleving. Dit bevordert dat de kerk blijvend vindplaats is van geloof, hoop en liefde.

Een nieuw begin

40dagentijdcampagne Kerk in Actie: Een nieuw begin

We leven toe naar het feest van een nieuw begin. Jezus’ liefde leert ons dat we steeds weer een nieuwe start kunnen maken en Zijn liefde mogen delen met anderen. In deze 40dagentijd zetten we ons in om nieuwe hoop te bieden aan ex-gedetineerden, kindslaven in India, genocideslachtoffers in Rwanda en kerken op Cuba, Pakistan en pioniersplekken in Nederland.

https://www.kerkinactie.nl/40dagentijd


Kerkbeheer

College van kerkrentmeesters

Een passend 'huis' is van groot belang voor de eredienst en de pastorale, missionaire en diaconale taken. Het college van kerkrentmeesters is verantwoordelijk voor het kerkgebouw en de goede gang van zaken.

Dhr Mari Noordermeer

Dhr Cor Schoon

Geassisteerd door

Leo Vaandrager

Teun van Hilten

Leen Keijzerwaard

College van kerkrentmeesters

Het College van kerkrentmeesters heeft het beheer over de financiële middelen en gebouwen van de gemeente, met uitzondering van diaconale aangelegenheden.

De verantwoordelijkheid hierover heeft de kerkenraad aan het college gedelegeerd. Het college bestaat uit tenminste drie leden. Verder heeft het college, door het toezicht op de vermogensrechtelijke aangelegenheden, contact met het college voor de behandeling van beheerszaken.

College van kerkrentmeesters:

beheer financiën

De (financiële) middelen hebben grote invloed op het gemeente-zijn. Het speelt een rol bij het benoemen van een predikant of kerkelijk werker, het organiseren van activiteiten, het samenwerken met andere gemeenten en partners, het onderhouden van het gebouw. De wijze waarop het geld wordt besteed zegt vaak meer over de gemeente dan allerlei beschouwingen.

De beschikbare middelen hebben grote invloed op het gemeente-zijn. In steeds meer gemeenten dalen de inkomsten, onder meer door afname van het aantal leden en van de betrokkenheid van de leden. Als uw gemeente minder geld te besteden heeft, kunt u voor ingrijpende keuzen komen te staan, bijvoorbeeld:

  • het aantrekken van een predikant of kerkelijk werker in deeltijd, in plaats van een volledige aanstelling;
  • het samenvoegen met een buurgemeente, het delen van een predikant of het combineren van activiteiten;
  • het noodgedwongen sluiten van het kerkgebouw.

Materiële en financiële voorwaarden voor leven en werken van gemeente

Kerkrentmeesters hebben als taak de materiële en financiële voorwaarden voor het leven en werken van de gemeente te scheppen en onderhouden, zo staat het omschreven in de Kerkorde: Ordinantie 11.


Protestantse Gemeente Oudenhoorn

Tijdelijk predikant – ds. Els Visser,

tell 0786473784 of emailadres ea-visser@planet.nl

Scribamtnoordermeer@hotmail.com

Preekvoorziening @kerkoudenhoorn.nl

KERKBLAD mailadres voor kopij redaktiekerkklok@kerkoudenhoorn.nl moet binnen zijn voor 26 april 2019
WEBSITE voor kopij mailadres webmaster@kerkoudenhoorn.nl
ROMMELMARKT mkeijzerwaard60@gmail.com ( voor rommel ophalen)

ROMMELMARKT 0181 462089 of 0181 461255 (voor ophalen )

Meditatie: “Horen en zien”

Het is volop lente. Het lichtgroen van de bladeren ontvouwt zich iedere dag meer. De kleuren van bloembollen en bloesem voegen zich in een veelkleurig palet. Iemand zei me lang geleden dat in de natuur alle kleuren bij elkaar passen. Waar bij kleding van mensen bepaalde kleurencombinaties uit de toon vallen, zien we in de natuur allerlei tinten die harmonieus met elkaar combineren. En dat het lente is merken we ook ’s morgens vroeg wanneer we allerlei vogels, terug uit het zuiden, elk op de eigen manier horen zingen. Het is zichtbaar en hoorbaar lente geworden.

De afgelopen weken moest ik vaak denken aan het horen en zien van allerlei dingen om ons heen. Niet alles wat we horen, niet alles wat mensen tegen ons zeggen, komt ook op de goede manier bij ons aan. Maar andersom geldt het ook. En soms zeg je dingen maar niet, omdat die ander er toch niet naar wil luisteren of het niet zal kunnen of willen begrijpen. Of omdat je denkt dat je het niet op de juiste manier en met de juiste toon kunt zeggen.

In onze relatie met God bekruipt ons weleens de vraag of God ons hoort als we bidden. Is de Aanwezige niet soms afwezig of verborgen? In de psalmen klinkt die vraag vaak. Maar dan meer als een vraag, als een smeken naar God om naar ons mensen te horen, naar ons mensen te willen omzien: ‘Antwoord mij als ik roep, God die mij recht doet. Geef mij ruimte als ik belaagd wordt, wees mij genadig, hoor mijn gebed’ (Psalm 4 : 2). En we lezen dit meer in de bijbel, de vraag of God wil horen naar ons mensen, zoals in Psalm 84: 9 en 10, en in profetenboeken, zoals Jesaja.

Maar tegelijk is er, naast dat vragen en smeken, vaak ook die andere kant te zien: de bevestiging dat God hoort. Vooral in de gedichten, de liederen die de psalmen zijn, komen we dat tegen. Zoals als de dichter in zijn gebed zingt: ‘De Heer heb ik lief, Hij hoort mijn stem, mijn smeken, Hij luistert naar mij, ik roep hem aan, mijn leven lang’ (Psalm 116 : 1, 2). En de woorden van Psalm 94:

‘ Hij heeft het oor geplant – zou hij niet horen?

Het oog gevormd – zou hij niet zien?’

Is het met gebed net als met een nest van merels, waarvan sommige eieren wel uitkomen en de vogels kunnen uitgroeien tot volwassen exemplaren, en andere niet? Ik geloof dat God hoort en verhoort. Maar het verhoren van de gebeden van mensen die zich uitstrekken naar Hem, dat gebeurt niet automatisch. God verhoort niet op de tijd en op de manier zoals wij dat in gedachten hebben, hoe moeilijk u en ik het met dat gegeven ook kunnen hebben.

Als ik dit zo schrijf, dan lijken dat zulke dooddoeners. Maar het verhoren van onze gebeden kunnen we niet van God afdwingen. We mogen en moeten blijven bidden, voor situaties van ons eigen leven, voor anderen, voor situaties in de wereld. Ook al ontvangen we niet altijd wat we verwacht hadden en zien we niet altijd dat onze gebeden voor onze dierbaren, voor onze wereld, voor dingen die ons aan het hart gaan, beantwoord worden. We mogen en moeten blijven bidden, want wat zou er gebeuren als we dat niet meer zouden doen? Het blijft een raadsel, waarom sommige gebeden wel op duidelijk zichtbare wijze verhoord worden en andere gebeden niet. We kunnen God niets voorschrijven. Sommige mensen denken dat gebedsverhoring of genezing afhankelijk is van het feit, of je wel goed genoeg gelooft. Dat is een grote dwaasheid. Want hoe zou je iemands geloof kunnen meten? En zou God zich daarvan afhankelijk maken? Nogmaals: er wordt van ons gebed gevraagd, de uitwerking niet.

Waarom God niet ingrijpt, waarom er in onze wereld zoveel verschrikkelijke dingen gebeuren, terwijl er zoveel mensen bidden om vrede, terwijl er zoveel mensen zich inzetten voor vrede, ik heb er geen antwoord op.

En als we ook dit jaar weer op 4 mei gedenken, en op 5 mei onze vrijheid mogen vieren, dan is dat bij mij altijd met diep respect voor al diegenen die verschrikkingen hebben overleefd en in gesprek zijn gebleven met God. Zoals Elie Wiesel, die door zijn boeken een bekende vertegenwoordiger is van al die mensen die proberen in deze vragen en worstelingen een weg te vinden.

‘Zoek Gods aanwezigheid, zoek zijn aangezicht, zoek zijn liefde’, daartoe roepen de psalmdichters ons op. Ook als we niet altijd een antwoord in ons gebed ontdekken.

Als we niet meer weten, wat te bidden, laten we dan het gebed bidden, dat Jezus ons leerde. Of laten we bidden zonder woorden. Het is immers Gods Geest, die Zelf voor

ons pleit.

Els Visser

Er is een stem van het hart en een taal van het hart.

Deze innerlijke stem is ons gebed

wanneer onze lippen gesloten zijn

en onze ziel open voor God.

Wijzelf zwijgen en ons hart spreekt:

niet tot de oren van mensen, maar tot God.

Wees er zeker van:

God zal je kunnen horen.

Augustinus

God van de seizoenen, Wij zaaien en oogsten, wij loven en bieden, wij zoeken en zorgen. Om uw kracht bidden we, om een goed leven op deze aarde.

Verleen Uw zegen aan wat geplant wordt,

aan het jonge vee in de stallen,

aan het kind dat groeit in de moederschoot.

Wees een Bron van kracht in ons bestaan,

dat we ons werk kunnen doen,

onze dagelijkse bezigheden uitvoeren,

naar school gaan,

dat we kunnen zorgen voor onze familie en vrienden.

Om uw kracht bidden we zodat deze aarde een goede plek is voor al wat leeft.

Leer ons zorgvuldig omgaan met uw Schepping,

help ons kiezen voor wat de aarde leefbaar houdt.

Leer ons zorgvuldig omgaan met onze tijd,

dat we onszelf niet voorbij lopen, of de ander, of U.

Help ons het leven aanvaarden, zoals het op ons afkomt,

dat we verdriet en moeite niet wegstoppen, of uit de weg gaan,

dat we niet oppervlakkig leven, maar aandacht hebben.

En maak ons gastvrij,

leer ons samenleven van al het goede onder uw zon.

Door Jezus Christus, onze Heer.

Amen.

Pastoraat in een dorp: meer dan een koffer met antwoorden

Het kerkbestuur van de Dorpskerk in Oudenhoorn hoopt dat de dorpskerk er kan zijn voor álle mensen in het dorp. "Pastoraat is dan niet aankomen met een koffer vol antwoorden, maar samen in gesprek gaan over het leven, de zin ervan, geloof, vragen en twijfels."

Een dorp kan door stadse ogen een hechte gemeenschap lijken waar iedereen voor iedereen zorgt. Woorden als Noaberschap en Mienskip versterken dat idee. Uit cijfers van het ‘Landelijk expertisecentrum sociale interventie’ (Lesi) blijkt dat dorpsbewoners gemiddeld inderdaad een groter en hechter sociaal netwerk hebben dan stedelingen. Tien procent van de stadsbewoners is sociaal geïsoleerd te noemen, tegen drie procent van de bewoners op het platteland. Maar die drie procent heeft het vaak zwaarder dan lotgenoten in de stad. Oorzaken: schaamte voor het gevoel van eenzaamheid, een grote terughoudendheid van andere dorpsbewoners tegenover ‘vreemde vogels’ die bij hen in de buurt wonen, en gebrek aan een meer anoniem netwerk zoals een inloophuis.

Neem broeder Thomas Quartier, monnik in de Sint Willibrordsabdij te Doetinchem. In het dorp waar hij opgroeide waren er drie manieren om je aan te sluiten bij het dorp: bij de schutterij, bij de voetbal of bij de kerk. De pacifistische, niet sportieve Thomas vond zijn plek bij de kerk, maar bleef een buitenbeentje in het dorp. In zijn boek Heilige woede pleit hij ervoor dat de kerk in het dorp een plek is waar je jezelf mag zijn.

Grensgangers

Hoe kan een dorpskerk een ruimte worden voor alle mensen in het dorp? Dit lijkt op het eerste gezicht nogal een opgave. Want wie moet zich daarvoor in gaan zetten? Kan de dominee zijn of haar tijd niet beter besteden aan mensen die al lid zijn van de kerk? En willen mensen ‘van buiten’ eigenlijk wel iets met de kerk te maken hebben?

In de dorpskerkenbeweging spreken we graag over grensgangers. Begrippen als binnenkerkelijk, randkerkelijk en buitenkerkelijk doen de realiteit in onze huidige samenleving geen recht meer. De meeste mensen zijn grensgangers. Zij bewegen zich op vele terreinen van het leven. Ook de trouwe kerkganger is in zijn dagelijks leven verbonden met vele anderen door werk, buurt, familie. En degene die zichzelf niet gelovig noemt, komt toch soms in de kerk voor een uitvaart, een huwelijk of een expositie.

Gesprek en geborgenheid

Tomás Halík, priester en hoogleraar te Praag, meent dat geen van deze mensen tegenwoordig nog genoegen neemt met ‘nepvragen’ waarop van tevoren al een antwoord is geformuleerd. Als christenen kunnen we ons alleen maar bezighouden met de werkelijke vragen van het leven, betoogt hij in zijn boek Raak de wonden aan. Dit betekent dat christenen zowel hun eigen vragen en twijfels als die van anderen serieus moeten nemen. Pas dan ontstaat er ruimte voor een echt gesprek. Christenen weten het niet beter dan anderen, ook zij zelf zijn vaak gewond door het leven. Zij kunnen niet anders zijn dan wounded healers (Carl Jung), mensen die alleen via hun eigen wonden dichter bij anderen kunnen komen op hen te helpen.

Wanneer we vanuit dat perspectief naar de dorpssamenleving gaan kijken, kunnen grenzen van lidmaatschap en kerkelijke betrokkenheid niet langer een barrière vormen voor wat wij als christenen te bieden hebben, namelijk krachtige verhalen, een relatie met Jezus - die zelf een woundend healer was - en de hoop die in ons is, de kracht om in iedere situatie overeind te blijven. Waar mensen terug willen vallen op een stuk geborgenheid in de eigen omgeving, is het een belangrijke taak van de kerk ervoor te zorgen dat mensen hun heil niet gaan zoeken in nationalisme en populisme, maar in een oprechte verbondenheid met elkaar over alle grenzen heen.

Geen simpele antwoorden

Zoals een gevangenispastor er niet alleen is voor gelovige gevangenen en een ziekenhuispastor niet alleen voor gelovige zieken, zo zou de dorpskerk er kunnen zijn voor alle mensen in het dorp die er behoefte aan hebben dat hun vragen in het leven gezien en gehoord worden. De dorpskerk als plek waar ze hun hart zonder terughoudendheid kunnen luchten. Pastoraat is dan niet aankomen met een koffer vol antwoorden, maar samen in gesprek gaan over het leven, de zin ervan, geloof, vragen en twijfels. Pastoraat is dan het begeleiden van de zoekende mens op zijn of haar weg door het leven, waarbij ook degene die pastoraat aanbiedt in het geding is. De opdracht van de kerk is dan: nabijheid laten zien, luisteren, delen en ervaringen serieus nemen zonder ze met simpele antwoorden af te kappen. Een opluchting vaak voor de ouderling of bezoekwerker: je hoeft geen antwoorden te hebben, een menselijk luisterend oor is genoeg.

De kerk is voor iedereen

De meeste mensen in het dorp weten dat er een kerk is en vaak ook nog wie de dominee of de ouderling is. De kerk zou daarom niet moeilijk te vinden moeten zijn, maar is dat ook zo? De uitdaging aan (de mensen van) de kerk is om duidelijk te maken dat de kerk er voor iedereen is. Met woorden maar vooral met daden, bijvoorbeeld in zichtbaarheid door samen te werken met andere organisaties in het dorp. Of door het bieden van gemeenschap, bezinning, rust en echte ontmoeting. Extra werk? Vaak is het een kwestie van anders naar de activiteiten en naar het dorp te kijken.

Daarmee wordt ook de vraag opgelost die nogal eens gesteld wordt door bezoekwerkers in een dorp: hoe weten de mensen of ik namens de kerk kom of als buurvrouw? Als grensganger is deze vraag niet meer van belang. Daar waar mensen elkaar in liefde en vriendschap ontmoeten, daar is God.


BEROEPINGSWERK

Onze gemeente is op zoek naar een nieuwe Predikant

---------------------

Beroepingscommissie

Inmiddels is de termijn gesloten dat er gesolliciteerd kon worden op de vacature van predikant. Er hebben 6 kandidaten gereageerd die het wel zien zitten om naar onze gemeente te komen en er te zijn voor de kerkelijke gemeente en ons dorp .

Alle kandidaten zullen een keer voorgaan in een kerkdienst, inmiddels zijn er al 3 voorgegaan in een dienst en in de maand mei komen er nog 3 dominees.

Na die tijd gaat de beroepingscommissie zich beraden over welke kandidaat het meest geschikt is voor ons dorp.

En dan hopen we in juni dat er na overleg met kerkenraad en kerkelijke gemeente een besluit genomen kan worden.

Mari Noordermeer

Bomen kerkplein

Inmiddels zijn 3 bomen gekapt ,ze waren in nog slechtere staat dan we dachten en 2 knotwilgen zijn flink teruggesnoeid. In de weggezaagde treurwilg broedde ook nog een eend maar deze had de dag voor het kappen met haar jongen het nest al verlaten.

Omdat het al wat later in de tijd is zullen de nieuwe bomen in de herfst aangeplant worden.

Mari Noordermeer

In de beroepingscommissie

hebben zitting:

Saskia van der Kooy,

Leen Keijzerwaard,

Ria de Troye (eventuele vervanger

Arja Kortleven),

Dikkie Vaandrager en

Mari Noordermeer.

scribamtnoordermeer@hotmail.com


Onze gemeente is vakant

Vacaturetijd is in de eerste plaats bezinningstijd. Tijd om na te denken over wat de gemeente wil, hoe ze de vacature wil gaan vervullen en welke (soort) predikant ze daarbij nodig denkt te hebben.

De dienstenorganisatie helpt vervolgens bij het vinden van de juiste persoon voor uw gemeente. Het team mobiliteit adviseert bij het beroepen van een predikant of het aanstellen van een kerkelijk werker. Ook biedt het de mogelijkheid om tijdelijk een beginnend predikant, kerkelijk werker of jeugdwerker in uw gemeente werkzaam te laten zijn. Deze persoon komt in dienst van de mobiliteitspool en werkt van daaruit in uw gemeente.

Bevorderen mobiliteit

De synode besloot vorig jaar tot maatregelen om de mobiliteit van predikanten te bevorderen, vanuit de gedachte dat dat goed is voor zowel predikanten als gemeenten. De dienstenorganisatie biedt hierbij begeleiding. Ds. Klaas Dijkstra, consulent voor het beroepingswerk, probeert om predikanten die naar een andere gemeente willen en vacante gemeenten bij elkaar te brengen. Hij is daarnaast beschikbaar voor allerlei vragen van gemeenten en predikanten. Bij hem kunt u ook een advieslijst met namen van predikanten die geschikt zijn voor de vervulling van uw vacature opvragen.

Alle informatie op een rij als u op zoek bent naar een predikant, kerkelijk werker, jeugdwerker of interim-predikant vindt u op protestantsekerk.nl/beroepingswerk.


De kerk is er echt voor het hele dorp - gelovig of niet-gelovig

za 27 okt. 2018

De dorpskerk is bij uitstek de plek waar mensen samen kunnen komen, betoogt Jolanda Tuma, dorpskerkenambassadeur van de Protestantse Kerk. Of ze nu gelovig zijn of niet-gelovig.

Theologie is er niet alleen voor de gelovigen, maar voor de hele samenleving. Het zijn de woorden van Addy van der Woerd (26), één van de genomineerden voor de Jonge Theoloog des Vaderlands. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek zou Addy behoren tot de meerderheid van niet-religieuzen. Hij geeft namelijk aan niet te behoren bij een kerkgenootschap.

Als dorpskerkambassadeur ben ik ontzettend blij met zijn woorden en zou vanuit mijn functie willen zeggen: 'De dorpskerk is er niet alleen voor de gelovigen, maar voor de hele samenleving’.

Het is alsof we leven op de grens van vroeger en later. Nederland heeft de veren van de verzuiling allang van zich afgeschud, maar het CBS hanteert deze veren nog steeds om de bevolking te bevragen en een conclusie te trekken: het aantal 'religieuzen' is in de minderheid! In de tussentijd is er een generatie opgegroeid die vaak heel bewust bezig is met religie en zingeving, maar dit niet meer verbindt met een traditionele geloofsgemeenschap.

De dorpskerk staat bij uitstek op die grens van vroeger en later. Enerzijds is er de vaak kleine geloofsgemeenschap die de eeuwenoude liturgie gaande houdt, maar het vaak moeilijk vindt om aan te sluiten bij de 'jeugd van tegenwoordig', anderzijds is er de betrokkenheid van de hele dorpsgemeenschap bij dat unieke gebouw in het dorp. Nu kunnen we wachten tot het CBS concludeert dat de 'religieuzen' niet meer te vinden zijn, maar dat kan nog wel even duren.

'Monnikenwerk'

Kunnen we in de tussentijd niet gewoon de deuren openzetten en met elkaar in gesprek gaan? Niet over de vraag hoe als geloofsgemeenschap te overleven, maar over de vraag wat ons bindt als dorpsgemeenschap en hoe de kerk als instituut, als gebouw en als inspiratiebron hierin een rol speelt.

Ga nu eens niet tegenover elkaar staan als 'gelovigen' en 'niet-gelovigen' maar ga als dorpsbewoners aan tafel zitten en bevraag elkaar eens op wat je bezighoudt, wat je inspireert.

In de afgelopen jaren heb ik gezien wat er gebeurt als je de deuren van de dorpskerk opent en mensen aan tafel vraagt. Eén fantastisch voorbeeld kwam voort uit de vraag van een kunstenaar uit het dorp: "Kunnen we op een aantal woensdagen de kerken als atelier gebruiken? Als tegenprestatie zetten we de deuren in de avonduren open, zodat mensen binnen kunnen komen." Het project kreeg de titel 'Monnikenwerk'.

Eén van de kunstenaars, Anjet van Linge, zette een grote steen in de kerk met de woorden 'Kyrie eleison'. Eén voor één hakte ze de letters uit. Monnikenwerk. 's Avonds kwamen mensen de kerk binnen, zagen de steen en werden onmiddellijk aan het denken gezet door die eeuwenoude woorden. Ze werden ontroerd, vielen stil en gingen met elkaar in gesprek over wat ontferming betekent in het eigen leven. 'Nee, ik heb niets met geloof, maar die woorden...'

De Dorpskerkenbeweging zoekt naar verbinding tussen kerk en dorp, zet tafels neer en nodigt mensen uit om in gesprek te gaan over de kerk in het dorp en welke betekenis die heeft in je leven. De dorpskerkenbeweging zoekt daarmee naar een nieuwe taal, nieuwe woorden, nieuwe wegen waarbij het niet gaat om de hokjes 'gelovig of 'niet-gelovig', maar om de kwaliteit van leven in het dorp en op het platteland.

Graag nodig ik de jonge theologen uit om aan dit gesprek deel te nemen. Maar ook nodig ik graag mensen uit die al lang en breed de kerk hebben verlaten. Stop nu eens met schoppen tegen die zuilen die allang zijn omgevallen, maar vertel wat jou als (volgens het CBS) 'niet-religieuze' beweegt, wat jou inspireert. Misschien hebben we daar als 'religieuzen' wel meer aan dan de preek op zondagmorgen.

Auteur: Jolanda Tuma, dorpskerkenambassadeur Protestantse Kerk

Dit artikel verscheen op zaterdag 27 oktober in dagblad Trouw

Gerelateerd:

Meer dan de helft Nederlanders niet religieus. Niet verrassend. Wel jammer!

ma 22 okt. 2018

De Protestantse Kerk is niet verrast door de uitkomst van het CBS-onderzoek waaruit blijkt dat meer dan de helft van de Nederlanders niet religieus is. ‘Religieus’ betekent in het onderzoek: betrokkenheid bij een kerkgenootschap of godsdienstige organisatie. Ook de ledentallen van de Protestantse Kerk nemen af. Dat is niet verrassend, wel jammer!

Tegelijk zijn er veel mensen die zich wel gelovig noemen, maar die niet aangesloten zijn bij een georganiseerde religie. Er is een verschil tussen geloven in God (of iets) en lidmaatschap van een kerkgenootschap. Zo is er wel veel interesse voor spiritualiteit. Retraites in kloosters lopen snel vol. Bladen als Happinez en Flow laten zien dat mensen open staan voor spiritualiteit en religieuze waarden.

In Nederland neemt geloof in God af, wereldwijd groeit het geloof in God. (Bron: Kijk, 2 april 2018).


Kerk 2025: lichte structuur en uitnodigende cultuur

Van deze verandering in religieuze behoefte is de Protestantse Kerk zich al jarenlang bewust. Als reactie hierop is de Protestantse Kerk de beweging 'Kerk 2025' gestart. Een beweging die de structuur en cultuur van de Protestantse Kerk toekomstbestendig maakt: een lichtere organisatiestructuur met een uitnodigende cultuur.

Veel plaatselijke gemeenten oefenen zich dan ook in gastvrijheid en zoeken meer dan ooit tevoren het contact met hun directe omgeving. Deze contacten variëren van hulp aan vluchtelingen, betrokkenheid bij voedselbanken, initiatieven tegen eenzaamheid, het organiseren van activiteiten van de buurt. Teveel om op te noemen.

De tientallen pioniersplekken van de Protestantse Kerk hebben in de afgelopen jaren al 10.000 nieuwe mensen bereikt, mensen die geïnteresseerd zijn in geloof en spiritualiteit, maar niet in kerk of kerklidmaatschap.

En de zojuist gestarte dorpskerkenbeweging van de Protestantse Kerk zet zich in voor het behoud van dorpskerken vanuit de gedachte dat 'met geloof geen kerk te klein is'.

Vanuit dat geloof in God wil de Protestantse Kerk voor iedereen vindplaats van geloof, hoop en liefde zijn en blijven.