KERKDIENSTEN


Zondag 25 augustus

aanvang 9.30 uur

Ds. E.A. Visser,

Alblasserdam

Kopij voor het volgende

nummer moet binnen

zijn

vóór 23 aug 2019

redactiekerkklok@kerkoudenhoorn.nl

Wilt u vervoer naar de kerkdiensten of heeft u interesse in de dienst op een cassetteband, dan kunt u contact opnemen met

Maartje Keijzerwaard

Tel.0181-462089 of mkeijzerwaard60@gmail.com

Wilt u vervoer naar de kerkdiensten of heeft u interesse in de dienst op een cassetteband, dan kunt u contact opnemen met

Maartje Keijzerwaard

Tel.0181-462089 of mkeijzerwaard60@

gmail.com


Kerkbeheer

College van kerkrentmeesters

Een passend 'huis' is van groot belang voor de eredienst en de pastorale, missionaire en diaconale taken. Het college van kerkrentmeesters is verantwoordelijk voor het kerkgebouw en de goede gang van zaken

De kerkrentmeesters zijn:

  • Mari Noordermeer en
  • Cor Schoon
  • Bijgestaan door:
  • Leo Vaandrager
  • Teun van Hilten
  • Leen Keijzerwaard
  • ------------------------------------

---------------------------------------------

Kwaliteitsimpuls

De Protestantse Kerk wil met de kwaliteitsimpuls van de permanente educatie een bijdrage leveren aan de bedieningsvreugde en het werkplezier van de predikanten en kerkelijk werkers. Het gaat erom dat zij hun vak bijhouden, als theoloog, catecheet of pastor. Het werken in de gemeente vraagt bovendien om het zelf open blijven voor de Schrift in de context van de huidige samenleving. Dit bevordert dat de kerk blijvend vindplaats is van geloof, hoop en liefde.

Kerkbeheer

College van kerkrentmeesters

Een passend 'huis' is van groot belang voor de eredienst en de pastorale, missionaire en diaconale taken. Het college van kerkrentmeesters is verantwoordelijk voor het kerkgebouw en de goede gang van zaken.

College van kerkrentmeesters

Het College van kerkrentmeesters heeft het beheer over de financiële middelen en gebouwen van de gemeente, met uitzondering van diaconale aangelegenheden.

De verantwoordelijkheid hierover heeft de kerkenraad aan het college gedelegeerd. Het college bestaat uit tenminste drie leden. Verder heeft het college, door het toezicht op de vermogensrechtelijke aangelegenheden, contact met het college voor de behandeling van beheerszaken.

College van kerkrentmeesters:

beheer financiën

De (financiële) middelen hebben grote invloed op het gemeente-zijn. Het speelt een rol bij het benoemen van een predikant of kerkelijk werker, het organiseren van activiteiten, het samenwerken met andere gemeenten en partners, het onderhouden van het gebouw. De wijze waarop het geld wordt besteed zegt vaak meer over de gemeente dan allerlei beschouwingen.

De beschikbare middelen hebben grote invloed op het gemeente-zijn. In steeds meer gemeenten dalen de inkomsten, onder meer door afname van het aantal leden en van de betrokkenheid van de leden. Als uw gemeente minder geld te besteden heeft, kunt u voor ingrijpende keuzen komen te staan, bijvoorbeeld:

  • het aantrekken van een predikant of kerkelijk werker in deeltijd, in plaats van een volledige aanstelling;
  • het samenvoegen met een buurgemeente, het delen van een predikant of het combineren van activiteiten;
  • het noodgedwongen sluiten van het kerkgebouw.

Materiële en financiële voorwaarden voor leven en werken van gemeente

Kerkrentmeesters hebben als taak de materiële en financiële voorwaarden voor het leven en werken van de gemeente te scheppen en onderhouden, zo staat het omschreven in de Kerkorde: Ordinantie 11.


Dorpskerken

Jurjen de Groot

directeur

dienstenorganisatie

Verwondering.

Van Dale geeft bij dit

woord maar één

betekenis, namelijk

verbazing. Daar

verbaas ik me dan

weer over. Als Van

Dale mij zou vragen

de betekenis van

‘verwondering’ te

omschrijven, zou ik

zeggen: aangenaam

verrast zijn door ‘het wonder’.

Precies dat probeert kinderpastor Liesbeth

Winter-Jonas te bewerkstelligen bij kinderen.

In het ‘Land van Verwondering’ in het dorp

Kraggenburg gaat zij op een speelse manier

met bijbelverhalen aan de slag, in de hoop

dat de kinderen geraakt worden door het

wonder van het evangelie. Dit beeld ontroert

me. De jongste generatie die op deze

bijzondere wijze met het geloof in aanraking

komt. Prachtig! Dorpskerken hebben een prominente plek in dit nummer. Vorig jaar riep de Protestantse Kerk de dorpskerkenbeweging in het leven.

Die is druk met het in kaart brengen en aan

elkaar verbinden van ‘de wonderen’ van dorpskerken. Als ik de verhalen hoor en lees,

ben ik aangenaam verrast hoe dorpskerken vindplaats van geloof,

hoop en liefde zijn. En

niet pas sinds vorig

jaar. Projectleider

Jacobine Gelderloos:

“De beweging komt

goed op stoom omdat

er al veel beweging was.

Dorpskerken doen al

veel en hebben goud in

handen.”

De Kerkennacht heeft als

thema ‘Is dit ook kerk?’

Een thema dat uitdaagt

om activiteiten te

organiseren die men niet

van een kerk verwacht.

De dorpskerk in Vries

doet mee. De grote

uitdaging is natuurlijk

om in deze nacht niet

alleen verbazing op

te roepen, maar juist

te streven naar het

aangenaam verrassen

met ‘het wonder van het

evangelie’ ...

protestantsekerk.nl/

dorpskerken


Protestantse Gemeente Oudenhoorn

Tijdelijk predikant – ds. Els Visser,

tell 0786473784 of emailadres ea-visser@planet.nl

Scribamtnoordermeer@hotmail.com

Preekvoorziening @kerkoudenhoorn.nl

KERKBLAD mailadres voor kopij redaktiekerkklok@kerkoudenhoorn.nl moet binnen zijn voor 23 aug
WEBSITE voor kopij mailadres webmaster@kerkoudenhoorn.nl
ROMMELMARKT mkeijzerwaard60@gmail.com ( voor rommel ophalen)

ROMMELMARKT 0181 462089 of 0181 461255 (voor ophalen )

Meditatie: “Onderweg”

De komende zomerweken gaan veel mensen op pad. Een paar dagen of een paar weken op vakantie. We weten het, niet iedereen heeft de tijd, de zin en/of het geld om op vakantie te gaan. En velen gaan net voor of juist na de vakantieweken van de scholen op pad. Maar de zomermaanden blijven voor velen favoriet om op stap te gaan. Weg van het vertrouwde van de eigen omgeving, om in de vrije dagen te genieten van een geheel andere gebied. Om te midden van heuvels of bergen, aan de oevers van een rustig stromend riviertje of uitkijkend over de zee te genieten van de ruimte van een zo heel ander landschap. Om in die andere omgeving lekker uit te rusten en nieuwe ideeën op te doen. Hoe mensen op pad zijn naar die vakantieplek is heel verschillend. We zien op de wegen volgepakte auto’s, caravans, campers en vouwwagens. Maar ook vakantiegangers die met rugzak op ‘de paden op, de lanen in’ met ferme pas lopen. En de stug doortrappende vakantiegangers op toerfietsen met volle fietstassen, een bungelende pan en een tent op de bagagedrager. Met boven al het gekrioel van mensen onderweg de vakantiegangers die de verder weg gaan en daarvoor de snelste manier hebben gekozen: per vliegtuig.

Op pad zijn we natuurlijk eigenlijk ons hele leven. Maar in het leven van alledag realiseren we ons dat meestal niet zo. Elke dag is een etappe van onze levensreis, waarbij de ene etappe makkelijker is dan de andere. En zo zijn we in ons leven steeds meer onderweg naar God toe. ‘We leven naar God toe’ zouden we kunnen zeggen.

In het Liedboek waar we uit zingen in de kerkdiensten is een hele rubriek gewijd aan het thema ‘levensreis’. Bij dit thema vinden we meer dan zestig liederen die spreken van het onderweg zijn. Zoals het lied ‘Door de wereld gaat een woord’ (lied 802) en ‘Uit Oer is hij getogen’, het lied over Abraham die op pad ging, geroepen door Gods stem (lied 803). Ook lied 825, ‘De wereld is van hem vervuld, die ’t kennen gaat te boven,’ een lied wat ik zelf erg mooi vindt, is in deze rubriek ondergebracht. Daarom voor onderweg in deze zomerweken de tekst van drie liederen uit het liedboek. Goede zomerweken gewenst!


Lied 416: 1 Ga met God en Hij zal met je zijn.

jou nabij op al je wegen

met zijn raad en troost en zegen.

Ga met God en Hij zal met je zijn.

Lied 833:

Neem mij aan zoals ik ben,

wek in mij wie ik zal zijn,

druk uw zegel op mijn hart en leef in mij.


Lied 821:

Dat de weg je tegemoet komt,

dat de wind je steunt in de rug,

dat de zon je gezicht warmt,

de regen je veld vruchtbaar maakt

en totdat we elkaar weer zien:

dat God je in de palm van zijn hand bewaart.


Ds. Els Visser

“Dorpskerken hebben goud in handen”

6 minuten leestijd

Het kerkbestuur van de Dorpskerk in Oudenhoorn hoopt dat de dorpskerk er kan zijn voor álle mensen in het dorp. "Pastoraat is dan niet aankomen met een koffer vol antwoorden, maar samen in gesprek gaan over het leven, de zin ervan, geloof, vragen en twijfels."

Een dorp kan door stadse ogen een hechte gemeenschap lijken waar iedereen voor iedereen zorgt. Woorden als Noaberschap en Mienskip versterken dat idee. Uit cijfers van het ‘Landelijk expertisecentrum sociale interventie’ (Lesi) blijkt dat dorpsbewoners gemiddeld inderdaad een groter en hechter sociaal netwerk hebben dan stedelingen. Tien procent van de stadsbewoners is sociaal geïsoleerd te noemen, tegen drie procent van de bewoners op het platteland. Maar die drie procent heeft het vaak zwaarder dan lotgenoten in de stad. Oorzaken: schaamte voor het gevoel van eenzaamheid, een grote terughoudendheid van andere dorpsbewoners tegenover ‘vreemde vogels’ die bij hen in de buurt wonen, en gebrek aan een meer anoniem netwerk zoals een inloophuis.

Neem broeder Thomas Quartier, monnik in de Sint Willibrordsabdij te Doetinchem. In het dorp waar hij opgroeide waren er drie manieren om je aan te sluiten bij het dorp: bij de schutterij, bij de voetbal of bij de kerk. De pacifistische, niet sportieve Thomas vond zijn plek bij de kerk, maar bleef een buitenbeentje in het dorp. In zijn boek Heilige woede pleit hij ervoor dat de kerk in het dorp een plek is waar je jezelf mag zijn.

Grensgangers

Hoe kan een dorpskerk een ruimte worden voor alle mensen in het dorp? Dit lijkt op het eerste gezicht nogal een opgave. Want wie moet zich daarvoor in gaan zetten? Kan de dominee zijn of haar tijd niet beter besteden aan mensen die al lid zijn van de kerk? En willen mensen ‘van buiten’ eigenlijk wel iets met de kerk te maken hebben?

In de dorpskerkenbeweging spreken we graag over grensgangers. Begrippen als binnenkerkelijk, randkerkelijk en buitenkerkelijk doen de realiteit in onze huidige samenleving geen recht meer. De meeste mensen zijn grensgangers. Zij bewegen zich op vele terreinen van het leven. Ook de trouwe kerkganger is in zijn dagelijks leven verbonden met vele anderen door werk, buurt, familie. En degene die zichzelf niet gelovig noemt, komt toch soms in de kerk voor een uitvaart, een huwelijk of een expositie.

Gesprek en geborgenheid

Tomás Halík, priester en hoogleraar te Praag, meent dat geen van deze mensen tegenwoordig nog genoegen neemt met ‘nepvragen’ waarop van tevoren al een antwoord is geformuleerd. Als christenen kunnen we ons alleen maar bezighouden met de werkelijke vragen van het leven, betoogt hij in zijn boek Raak de wonden aan. Dit betekent dat christenen zowel hun eigen vragen en twijfels als die van anderen serieus moeten nemen. Pas dan ontstaat er ruimte voor een echt gesprek. Christenen weten het niet beter dan anderen, ook zij zelf zijn vaak gewond door het leven. Zij kunnen niet anders zijn dan wounded healers (Carl Jung), mensen die alleen via hun eigen wonden dichter bij anderen kunnen komen op hen te helpen.

Wanneer we vanuit dat perspectief naar de dorpssamenleving gaan kijken, kunnen grenzen van lidmaatschap en kerkelijke betrokkenheid niet langer een barrière vormen voor wat wij als christenen te bieden hebben, namelijk krachtige verhalen, een relatie met Jezus - die zelf een woundend healer was - en de hoop die in ons is, de kracht om in iedere situatie overeind te blijven. Waar mensen terug willen vallen op een stuk geborgenheid in de eigen omgeving, is het een belangrijke taak van de kerk ervoor te zorgen dat mensen hun heil niet gaan zoeken in nationalisme en populisme, maar in een oprechte verbondenheid met elkaar over alle grenzen heen.

Geen simpele antwoorden

Zoals een gevangenispastor er niet alleen is voor gelovige gevangenen en een ziekenhuispastor niet alleen voor gelovige zieken, zo zou de dorpskerk er kunnen zijn voor alle mensen in het dorp die er behoefte aan hebben dat hun vragen in het leven gezien en gehoord worden. De dorpskerk als plek waar ze hun hart zonder terughoudendheid kunnen luchten. Pastoraat is dan niet aankomen met een koffer vol antwoorden, maar samen in gesprek gaan over het leven, de zin ervan, geloof, vragen en twijfels. Pastoraat is dan het begeleiden van de zoekende mens op zijn of haar weg door het leven, waarbij ook degene die pastoraat aanbiedt in het geding is. De opdracht van de kerk is dan: nabijheid laten zien, luisteren, delen en ervaringen serieus nemen zonder ze met simpele antwoorden af te kappen. Een opluchting vaak voor de ouderling of bezoekwerker: je hoeft geen antwoorden te hebben, een menselijk luisterend oor is genoeg.

De kerk is voor iedereen

De meeste mensen in het dorp weten dat er een kerk is en vaak ook nog wie de dominee of de ouderling is. De kerk zou daarom niet moeilijk te vinden moeten zijn, maar is dat ook zo? De uitdaging aan (de mensen van) de kerk is om duidelijk te maken dat de kerk er voor iedereen is. Met woorden maar vooral met daden, bijvoorbeeld in zichtbaarheid door samen te werken met andere organisaties in het dorp. Of door het bieden van gemeenschap, bezinning, rust en echte ontmoeting. Extra werk? Vaak is het een kwestie van anders naar de activiteiten en naar het dorp te kijken.

Daarmee wordt ook de vraag opgelost die nogal eens gesteld wordt door bezoekwerkers in een dorp: hoe weten de mensen of ik namens de kerk kom of als buurvrouw? Als grensganger is deze vraag niet meer van belang. Daar waar mensen elkaar in liefde en vriendschap ontmoeten, daar is God.


In Nederland komt een heuse beweging van dorpskerken op gang. Kerken in kleine kernen krijgen toekomst, wanneer zij hun blik naar buiten richten en zich verbinden met wat er in hun dorp speelt. "In een samenleving die zo gefragmentariseerd is, vormen kerken een plek om samen te komen. Dat is uniek."

Vanzelfsprekend is dat niet. Er is beslist een wisseling van perspectief nodig, zegt praktisch theoloog Jacobine Gelderloos. Vorig jaar promoveerde zij op een onderzoek naar dorpskerken. Zelden bracht een promotie zoveel op gang in de kerk. Nu is Gelderloos projectleider dorpskerkenbeweging in de Protestantse Kerk.De dorpskerkenbeweging startte in 2018. Wat er dat jaar nog meer gebeurde, leest u in het Jaarverslag.

Gelderloos: “Als beleidsmakers schreven of spraken over de leefbaarheid op het platteland, was de kerk doorgaans buiten beeld. Of hooguit in beeld als markant punt in het landschap: de kerktoren boven de bomen uit. Misschien komt dat omdat de huidige generatie beleidsmakers niets meer heeft met de kerk. De scheiding tussen kerk en staat werd een scheiding tussen kerk en samenleving. Daarnaast focuste de theologie zich vooral op de kerken in de grote steden. Terwijl er op het platteland zoveel aan de hand is. Op kerkelijk gebied, zoals samenwerking tussen gereformeerd en hervormd, en samenwerking tussen verschillende dorpen. Maar ook wegtrekkende inwoners, krimp, wegvallende voorzieningen.”

Zo werd de dorpskerk een ondergeschoven kindje. Als de school sluit, dan is het dorp in rep en roer. Worden er geen kerkdiensten meer gehouden, dan gaat men over tot de orde van de dag. “In Engeland is dat compleet anders. Daar denken ze al decennialang na over de toekomst van de kerk in the countryside.”

De blik van de dorpskerk moet van binnen naar buiten.

“Alle nadruk op organisatie en fusievorming heeft de blik behoorlijk naar binnen gericht. Ik stel een wisseling van perspectief voor. Kijk wat er in je omgeving speelt en waar dat ons raakt.

Op vakantie in Engeland stuitte ik op een bundel artikelen ‘Faith and future of the countryside’. Daarin was aandacht voor ontwikkelingen op het platteland: ontvolking, veranderende woningmarkt en zorgaanbod, het verdwijnen van voorzieningen, de problemen van boeren, toerisme. Geen enkele keer ging het over de krimp van de kerk.

Met het verleggen van de focus verdwijnen de zorgen over krimp en leegloop van de kerk naar de achtergrond. Natuurlijk moet je blijven roeien met de riemen die je hebt, maar het helpt je om je aandacht te verleggen.”

Religieus dorpsleven is breder dan kerkelijk dorpsleven.

“Kijk naar de herdenking op 4 mei, die vaak plaatsvindt in de kerk. Wat vervolgens plaatsvindt, raakt aan alle kanten het wezen van kerk en geloof. De burgemeester houdt een speech over vrijheid, die resoneert op de preek van de zondag daarvoor. Kinderen dragen zelfgeschreven gedichten voor, die sterk op gebeden lijken. Een niet-kerkelijk ensemble zingt ‘Notre Père’ en ‘Abide with me’. Daar liggen raakvlakken, zoals ook in de toenemende aandacht voor Allerzielen, vieringen van Kerst op de openbare basisschool, concerten in de lijdenstijd. Op die momenten ontvouwt zich religieus leven dat breder is dan het kerkelijk dorpsleven.”

Woont God nog in het dorp als de kerk haar deuren sluit?

“Ja en nee. Ik was bij de overdracht van een kerk aan de Stichting Oude Groninger Kerken. Feitelijk veranderde weinig. De gemeente huurt nu op zondag het gebouw voor haar dienst. De toon was: we geven de kerk terug aan het dorp. Terwijl die gemeente zo haar best had gedaan om het dorp bij de kerk te betrekken. Benadrukt werd de cultuurhistorische waarde van het gebouw. Alsof de religieuze geschiedenis daar geen inherent deel van uitmaakt. Het voelde voor mij toch alsof God buiten de deur was gezet.

Aan de andere kant: in individuele bewoners leven kerk en religiositeit door. De momenten waarop je dat als dorp samen beleeft, worden schaars. Maar ze verdwijnen niet helemaal, er blijven sporen van God.”

De dorpskerkenbeweging is driekwart jaar onderweg, wat is bereikt?

“Drie dorpskerkambassadeurs reizen door het land om kerken te bezoeken en verhalen op te halen. We hebben contact met 120 dorpskerken. We hebben een website met praktijkverhalen en werkvormen, ruim 500 abonnees ontvangen onze nieuwsbrief, er is een facebookgroep met ruim 250 leden. Er zijn workshops verzorgd, lezingen gegeven, artikelen geschreven. We linken kerken met relevante organisaties, zoals de Vereniging voor Kleine Kernen. De beweging komt goed op stoom omdat er al veel beweging was.

Dorpskerken doen al veel en hebben goud in handen. In een samenleving die zo gefragmentariseerd is, vormen kerken een plek om samen te komen. Dat is uniek. Dorpskerken wisselen ervaringen en goede voorbeelden uit. In Rolde interviewde de predikant in de sportkantine dorpsgenoten over hun werk. In Ternaard schafte de kerk samen met de dorpsraad een sneeuwschuiver aan, de kerk zorgt voor het zout. Er gebeurt al veel goeds.

Naast tips en tricks is er ook behoefte aan verdieping en bezinning. Er is nog veel te doen, we zijn nog maar net begonnen!”

Hebben dorpskerken de menskracht om de bakens te verzetten?

“Dat moet blijken. Ik adviseer om eerst eens de grensgangers in kaart te brengen: leden van de kerk die al actief zijn in het dorp. De kerk levert nog steeds de meeste vrijwilligers. Wat betekent het werk voor de kerk voor het dorp, en andersom?

Daarnaast vergroot samenwerking het draagvlak van de kerk. Meer mensen raken betrokken, op hun eigen manier. Ik organiseerde in Noordbroek een kerkdienst op Open Monumentendag. We kregen het geluid niet aan de praat. Stapt er een jongeman binnen die even aan de knoppen draait en voilà! Hij had nog niet eerder een voet over de drempel van de kerk gezet.

In de dorpen werken kerken met enige regelmaat samen. In Schildwolde organiseren hervormden en vrijgemaakten samen een kerstnachtdienst. Waar de kerk verdwijnt en kerkmuren bijna letterlijk afbrokkelen, kan op de fundamenten een nieuwe dorpskerk gebouwd worden.”

Op de hoogte blijven van de dorpskerkenbeweging? Abonneer u dan op de nieuwsbrief.



Witte Rook:

ds. Corrie Pronk heeft haar beroep naar Oudenhoorn aangenomen.


Nadat de beroepingscommissie tot een keuze voor een nieuwe dominee was gekomen en ook de kerkenraad zich in deze kandidaat kon vinden, hebben we zondag 16 juni onze keuze aan de kerkelijke gemeente voorgelegd.

Na de dienst die geleid werd door dhr.R. van Mourik ,hebben we namens de commissie verslag uitgebracht van het verloop van onze zoektocht naar een nieuwe predikant. Op deze zondag heeft ook ds. Corrie Pronk zich voorgesteld aan de gemeente , daarna zijn we tot stemming overgegaan. Alle aanwezige gemeenteleden hebben gekozen om haar te beroepen naar Oudenhoorn. Na deze stemming heeft

ds. Corrie Pronk heeft haar beroep naar Oudenhoorn aangenomen.

In september zal ze met haar man in Oudenhoorn komen wonen, eerst aan de Hollandseweg en daarna in de pastorie waar nog het nodige in moet worden opgeknapt.

Op zondag 8 september zal ds. Corrie Pronk in Oudenhoorn haar intrededienst houden die om 15.00 uur begint.

Probeer erbij te zijn op 8 september zodat we haar en haar man een warm welkom kunnen heten in ons dorp.

Mari Noordermeer

------------------

Vakantie

Het beroepingswerk verloopt voorspoedig. Als alles verder goed gaat (en daar rekenen we natuurlijk op) komt er snel een nieuwe predikant in Oudenhoorn en eindigt deze zomer mijn werk als tijdelijk predikant in uw midden. In de afgelopen maanden waren er mooie ontmoetingen, indringende gesprekken, waardevolle momenten.

Ik ga weer verder naar een andere gemeente, met goede herinneringen aan de gemeente van Oudenhoorn.

Van 22 juli t/m 13 augustus hopen mijn man en ik te kamperen met de vouwwagen in Italië en Frankrijk. De voorzitter en scriba kunnen u vertellen welke voorganger u kunt benaderen als u in voorkomende gevallen pastorale hulp nodig heeft.

Gods zegen met u allen,

Ds. Els Visser


Beste gemeenteleden, inwoners van Oudenhoorn en allen die zich verbonden voelen met de Protestantse Kerk van Oudenhoorn

U treft bij de “Kerkklok” van juli een verzoek voor een bijdrage voor het maken van deze “KERKKLOK”.

Wij vragen van u dit jaar € 10.—

of € 17.50 als u de “KERKKLOK” per post krijgt toegestuurd.(i.v.m. porto kosten)

U kunt uw betaalopdracht inleveren bij uw bank of u kunt gebruik maken van internet bankieren

Stort uw bijdragen op NL88 RABO 0351 653929

vermeld in beiden gevallen a.u.b. ”KERKKLOK”2019

U kunt de Kerkklok ook lezen op de website

www.kerkoudenhoorn.nl

-----------------------

Als je vooroordelen

opzij kunt schuiven,

kunnen er wonderbaarlijke

dingen gebeuren”

Houtman heeft passie voor

de joodse traditie.

“Ik groeide op in een Vrij-Evangelische

Gemeente in Groningen, met grote liefde voor

Israël en besef van het belang van het Joodse

volk. Ik woonde en studeerde enige tijd in Israël,

ondergedompeld in het Jodendom. Ik hou

van het land en de cultuur.

Toen ik voor deze functie werd gevraagd,

aarzelde ik. Ik ben geen theoloog, ik ben judaïst,

semitist en niet per se van de dialoog. Die

dialoog zat, na een bloeitijd, op dood spoor. De

tijd was rijp om de academische kant van de

verhouding tussen Jodendom en christendom

aan te pakken. Ik doe dat vanuit mijn kennis

van het Jodendom en passie voor het onderwerp.

Ik ben onder andere betrokken bij een

onderzoeksproject, waarin levensbeschouwelijke

onderwerpen worden bezien vanuit joods en

christelijk perspectief.”

In de Protestantse Kerk bestaan

tegengestelde

meningen over ‘Israël’.

“De PThU organiseert daarom sinds 2014

met als titel ‘Onopgeefbaar verbonden!?’ een

tweejaarlijkse Israëlreis voor predikanten, binnen

de permanente educatie voor voorgangers.

In het programma is veel ruimte voor

onderlinge gedachtewisseling en reflectie

op verschillende posities die in

de kerk worden ingenomen ten opzichte

van Israël en Palestina. Predikanten

uit de volle breedte van de kerk reizen

samen en ontmoeten Joden uit de nederzettingen,

Palestijnen uit de bezette

gebieden, orthodoxe Joden, liberale

Joden, mensenrechtenactivisten. Deze

winter gaan we voor de vierde keer.

De opdracht is: je open blijven stellen

voor de ander. Als je bereid bent je hart

te openen en vooroordelen opzij te

schuiven, dan kunnen er wonderbaarlijke

dingen gebeuren.”

De dialoog staat op een laag pitje.

“Maar lijkt niet minder nodig dan voorheen.

Joden en christenen zijn hoe dan ook

familie van elkaar. Het kan knallen binnen

families. Natuurlijk gaat er van alles fout, ook

religieuze mensen zijn mensen van vlees en

bloed. Ondanks alles horen we bij elkaar. Wie

dat ontkent, ontkent de eigen geschiedenis.

Wie altijd voorzichtig is, komt nergens. Als je

alleen praat over ‘hoe vier jij je feesten?’ of ‘hoe

bereid jij je eten?’ dan kom je niet nader tot

elkaar. Het is een goede basis, tegelijk moeten

we een spade dieper graven.

Ik zie een kentering aan Joodse zijde. In gesprek

met orthodoxe rabbijnen ontdek ik meer

waardering en minder angst voor het christendom.

Sommigen zien het christendom als een

geschenk aan de volken. Rabbijnen zeggen: ‘Wij

zijn geen christenen, wij willen dat ook niet

worden. Wij zien wel hoe God werkt door het

christendom. Misschien is dit de manier om

het geloof in de ene God te verspreiden.’ Zo

krijgen de drie grote monotheïstisch godsdiensten

jodendom, christendom en islam ieder een

functie in Gods plan.

Lang is de dialoog belemmerd door het

trauma van de Holocaust en het terechte

schuldgevoel om ons aandeel daarin. De dialoog

wordt nu gevoerd door nieuwe generaties,

nuchterder, minder problematisch.

In haar lezing op 5 mei jl. zei de Joodse

Rosanne Hertzberger, columnist en wetenschapper:

‘Ik heb geen zin om nog slachtoffer

te zijn. Het moet een keer klaar zijn!’ Wij als

christenen kunnen zeggen: ‘Het is gebeurd, we

zullen het nooit ontkennen en altijd de herinnering

levend houden. Maar we moeten verder,

met een schone lei. Op weg naar een nieuwe,

respectvolle relatie.’”